De laatste molenaars in Kamerhop

Gepubliceerd in de Nieuwe Chronyke; 1 december 1993
Geschreven door Cor Booy
Bron: De Zaansche Molen

Doordat het Kamerhop werd afgescheiden van het Starnmeer, tijdens de bedijking, diende dit 46 ha grote poldertje van afzonderlijke bemaling te worden voorzien, in 1643. Meer daarover in het hoofdstuk “De molens van Starnmeer en Kamerhop” in Het Starnmeerboek, pag. 75 e.v. De laatste molenaar was Isaak Ris (in de wandeling ook wel “IJs” Ris). Zijn vader, Jan Ris, was ook al molenaar van het Kamerhop. Of dat eveneens het geval was met zijn grootvader Jacob, is niet geheel duidelijk. Deze, geboren te Markenbinnen, was wever van beroep. Hij is echter in 1866 wel in de gemeente Jisp overleden. Toendertijd werd de Kamerhopmolen beschouwd als staande in die gemeente. Omstreeks de eeuwwisseling bleek dat evenwel onjuist te zijn: de molen stond in de gemeente De Rijp.

Jan Ris, geboren in 1830, was in 1856 getrouwd met Geertje Wiedijk. Hij overleed aan pokken, in hetzelfde jaar als zijn vader; 1866. Geertje, achterblijvend met vijf kinderen, van wie de jongste 12 dagen na zijn vader eveneens overleed, mocht in de molen blijven wonen van het polder bestuur, mits zij een bekwame knecht in dienst nam. Dat gebeurde en in 1868 trouwde zij met die knecht, Jacob Besse. Vijf jaar later moest Jacob echter worden opgenomen in “Meerenberg”. Hij keerde niet terug in Kamerhop. Geertje heeft het molenaarschap waarschijnlijk kunnen voortzetten met hulp van haar zoons. De jongste, Isaak, volgde haar op nadat zij in 1891 was overleden. Hij trouwde 6 oktober 1892 te Grootschermer, met Grietje Schermer.

Uiteraard was het molenaarschap geen volledige broodwinning. Bij lange na niet. Isaak Ris was dan ook tevens (kleine) veehouder. Zijn koeien stonden in de schuur op het molenerf. Nadat het polderbestuur wegens aanschaf van een motorgemaal de molen buiten gebruik had gesteld en in 1923 de molen liet “doorzagen”, verhuisde Isaak met zijn gezin en zijn vee naar de boerderij in de hoek bij Oost-Graftdijk, waarin nu de familie Wouda woont.

Isaäk Ris overleed op 81-jarige leeftijd, op 19 april 1944, ten huize van zijn dochter Aagtje Tentij-Ris te West-Graftdijk. Hij was daarheen, met zijn zoon Arie en diens gezin. geevacueerd. Het Kamerhop, dat hij als molenaar had helpen droog houden, stond toen inmiddels al ruim een maand onder water, als gevolg van de inundaties door de Duitse bezetters.

Isaac Ris, laatste molenaar van het Kamerhop
Isaac Ris, laatste molenaar van het Kamerhop

https://tijdschriften.archiefalkmaar.nl/issue/NC/1993-12-01/edition/0/page/25

Geplaatst op: 1 februari 2024
Cor Booy
Categoriën: Kamerhop | Kroniek

Meer artikelen uit de Kroniek:

De “Vermaning” van Markenbinnen

Evert Besse Jz., de beschrijver van de droogmaking van de Starnmeer, heeft niet alleen dié geschiedenis op schrift gezet. Ook de geschiedenis van zijn eigen familie heeft hij tot in de finesses uitgeplozen. In die "genealogie Besse" beschrijft hij hoe diverse...

Vrouw Ooms en de Alkmaar Packet

De Alkmaar Packet vervoerderde van 1863 tot 1950 zowel personen als goederen naar meerdere bestemmingen in Noord-Holland.

Mistig avontuur op het Starnmeer

December 1944; twee Italianen gaan naar een nieuwe schuilplaats, een avontuurlijke roeitocht over de geïnundeerde Starnmeer is het gevolg.

Voor 5 centen bracht de post je brief naar de Stierop

Tegenwoordig rijden talloze post-bestelbusjes af en aan, vroeger ging de postbezorging er echter iets rustiger aan toe.

Het Starnmeerboek

Artikel in de ‘Nieuwe Cronycke’ waarin Cor Booy enige onderwerpen beschrijft die in zijn nieuwe Starnmeerboek staan.

Veldnamen in de polders

De weilandjes in de polders hadden vaak individuele namen. Sommige daarvan zijn nog bekend, vele anderen niet meer.

De Vissers van Laen- en Barndehuysen en droogmaking van de Starnmeer

Bij de aanleg van de vaart aan de noordzijde van de Starnmeer raakten de bedijkers in moeilijkheden met de vissers van Laen- en Barndehuysen.

De vogel Phoenix in de Starnmeer

De vogel Phoenix in de Starnmeer. Een boerderij met een verleden van brand en wederopbouw. De naam is dus toepasselijk gekozen.

Rijpers in het Markerveld

Toen Jan Adriaanszoon Leeghwater door 1633 in het veld bij Marken(binnen) voer, trof hij erbarmelijke omstandigheden aan.

Het Starnmeerfeest

Kort verslag in de Nieuwe Chronyke, als terugblik op de activiteiten ter ere van het 350 jarig bestaan van Starnmeer en Kamerhop.

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *